Verbindingen bij de Amsterdamse politie

 

Door de invoering van het C2000 communicatie-systeem is er voor het grote publiek een einde gekomen aan het meeluisteren met het radioverkeer van de Amsterdamse politie. Gelukkig stond men daar vrij positief tegenover scannerluisteraars. Het scannermuseum heeft in 2006 een bezoek mogen brengen aan het hoofdbureau in de Marnix-straat. Deze pagina is tot mede tot stand gekomen dankzij de medewerking van "etherbeheerder" Freek Dozy, sinds 1976 werkzaam bij de Amsterdamse politie en mede-oprichter van de afdeling Etherbeheer. Deze afdeling is onder andere verantwoordelijk geweest voor een storingsvrij gebruik van de radioverbindingen bij de Amsterdamse politie.

De eerste apparatuur

Na de 2e wereldoorlog gaat de Amsterdamse politie voor het eerst gebruikmaken van ­radiocommunicatie voor het personeel op straat. De eerste jaren krijgt men de beschikking over overbodig geworden communicatieapparatuur van het Canadese leger.

 

Kamer 14

In de jaren 60 werd de communicatie professioneler aangepakt. Alle gemeentelijke en Rijkspolitie korpsen gaan gebruikmaken van de 86 Mhz band. Hiervoor waren zo’n 80 mobilofoon kanalen beschikbaar welke toegewezen werden door de Politie VerbindingsDienst (PVD) te Bilthoven.

De meldkamer van de Amsterdamse politie werd gevestigd in kamer 14 van het hoofdbureau aan de Elandsgracht. Sindsdien is “Kamer 14” een begrip geworden en zelfs na meerdere interne verhuizingen, prijkt nog steeds een “Kamer 14” bordje op de deur van de van de naar C2000 getransformeerde meldkamer.

 

De gemeentepolitie Amsterdam krijgt in eerste instantie de beschikking over 5 mobilofoonkanalen:

1 - PVD 854 (86.7000 MHz) CMK 1 assisentie-surveillance

2 - PVD 846 (86.6000 MHz) CMK 2 als uitwijkkanaal en voor het natrekken van kentekens (met scramble)

3 - PVD 826 (86.3500 MHz) voor de Mobiele Eenheid

4 - PVD 830 (86.4000 MHz) voor de verkeersdienst

5 - PVD 819 (86.2625 MHz) in gebruik bij de recherche

 

Voor contact met andere korpsen was een gemeenschappelijk kanaal beschikbaar wat bij ieder politiekorps in de mobilofoon aanwezig moest zijn: PVD 839 (86.5125) In Amsterdam werd dit kanaal vanwege chronisch gebrek aan frequenties ook vaak gebruikt door de ME bij “grootschalig politie optreden” zoals ontruimingen en voetbalrellen.

 

Kever

Vanaf 1952 tot 1980 heeft de gemeentepolitie Amsterdam de VW Kever gebruikt als surveillancevoertuig. De eerste Kevers worden - speciaal voor de mobilofoon - voorzien van een extra accu. Om ruimte te maken voor de extra dynamo krijgt de motorkap (achterin) daarom een rare bobbel.

 

 

Portofoons

In de jaren '70 wordt de UHF band in gebruik genomen voor de portofoons vanwege betere doordringbaarheid van de signalen in dichte bebouwing. Contact met het HB ging via de "algemene-porto" en ieder district kreeg een eigen portofoonkanaal voor  contact met het districtsbureau, posthuis of onderling verkeer.

In die tijd kent de Amsterdam 7 politiedistricten:

1 Bureau Waddenweg Noord

2 Bureau Warmoesstraat Centrum Dam/Rosse Buurt

3 Bureau Lijnbaansgracht Centrum /Leidseplein

4 Bureau IJtunnel (Oost)

5 Bureau Van Leijenberghlaan (Oud Zuid/Buitenveldert)

6 Bureau Meer en Vaart (Nieuw West /Slotervaart)

7 Bureau Flierbosdreef - Bijlmer

(district 8 Raampoort en 9 Amstelveen, Uithoorn, Aalsmeer komen pas later in gebruik)

 

Frequentiegebrek

Begin jaren '80 ontstond een chronisch gebrek aan frequenties. In die tijd waren er regelmatig grote ordeverstoringen waarbij de M.E. ingezet moest worden. Tijdens zo’n actie werd het algemene portofoonkanaal vaak gebruikt door verkenningseenheden in burger en was dan niet beschikbaar voor de surveillance.

Eind 1980 werden voor het eerst zogenaamde aanhoudingseenheden ingezet. Deze burgereenheden waren bedoeld om tijdens een ME optreden de grootste raddraaiers uit de groep te plukken. Voor hun communicatie kregen zij het 5e mobilofoon kanaal in bruikleen. Gewoonlijk werd op dit kanaal gewerkt door de recherche die tijdens zo'n actie dan maar een andere oplossing moest zoeken...

 

Diversity

Alle 86 Mhz kanalen, het algemeen portofoonnet en de districts-kanalen in Amsterdam werden in de jaren 90 omgebouwd naar zogenaamde “diversity-netwerken”. Dat wil zeggen één zender met meerdere ontvangers op strategische (niet te hoge) plaatsen in de stad. Elke ontvanger was via een vaste lijn verbonden met een diversity-centrale aan het hoofdbureau welke automatisch het beste signaal doorgaf.

Voor elk 86 Mhz kanaal waren 6 ontvangers in gebruik en voor het algemeen portofoonnet maar liefst 24. Oproepen via de porto- en mobilofoon kwamen zo vrijwel altijd binnen. Omgekeerd was de dekking niet altijd optimaal omdat maar één zender werd gebruikt. De zender voor het algemeen portofoonnet was in de buitenwijken vaak met veel ruis te ontvangen door het personeel op straat. Voor een beter bereik werd de zendantenne daarom verplaatst naar het dak van De Nederlandsche Bank aan het Frederiksplein. Met een hoogte van ruim 70 meter was de Algemene porto daarna tot ver buiten de regio nog glashelder te ontvangen.

 

Storing

Doordat er landelijk steeds meer mobilofoon-netwerken in gebruik kwamen, had men ook meer last van storingen. Onder sommige atmosferische omstandigheden komen radiogolven veel verder dan normaal en had men last van andere korpsen op dezelfde frequentie. Daarom werd eind jaren 80 overgegaan op toonsquelch (TQ). Hierbij wordt een onhoorbare laagfrequente toon meegezonden met het signaal. De ontvanger opent alleen wanneer dezelfde toon ontvangen wordt. Storende signalen zijn op deze manier goed weg te filteren. Elk korps kreeg een eigen vaste TQ-toon voor alle mobilofoon en portofoon kanalen.

 

In de jaren 70 en 80 waren talloze FM piraten actief. Deze verstoorden regelmatig het mobilofoonverkeer door slecht afgeregelde zenders. Het duurt vaak te lang voordat de Radio Controle Dienst komt opdagen. Maar Bureau Verbindingsmiddelen had in die tijd de beschikking over een eigen peilwagen en zo kon het gebeuren dat men zelf de storende piraat uitpeilt, vervolgens een hoogwerker inhuurt en met een BraTra-eenheid de zendmast omver zaagt en de apparatuur in beslag neemt.

 

Niet alleen illegale zenders maar ook officiële gebruikers konden voor overlast zorgen. Eind jaren 90 veroorzaakten commerciële FM radiostations via de zendmast bij de RAI zoveel storing op het eerste mobilofoonkanaal (854) dat men noodgewongen moest overschakelen naar het kanaal dat het verst van de FM omroepband af ligt en ook in alle mobilofoons van andere korpsen voorkomt. Dat werd kanaal 804 (86.075 MHz).

 

INRAP

De Gemeentepolitie Amsterdam is tevens het regio-controlestation geweest van het INRAP-net. Via dit “Interlokaal Radionet Politie” konden meldkamers van Gemeente- en Rijkspolitie binnen een bepaalde regio direct groepsgewijs met elkaar communiceren en was er de mogelijkheid een mobilofoon- of portofoonkanaal te koppelen met dat van een ander korps.  Het net werd vaak gebruikt bij grote incidenten zoals bankovervallen en bij achtervolgingen buiten de regio. De achtervolgende voertuigen konden zelf niet schakelen naar het INRAP-net. De regie kon echter wel worden overgenomen door de naastliggende regio die - via het INRAP-net - haar voertuigen kon laten meeluisteren met de berichtgeving van de actie.

Het INRAP-relaisstation (468.2900 Mhz) stond op het voormalige belasting gebouw aan de Wibautstraat en werd vanuit de meldkamer Amsterdam lijnbestuurd. Elke morgen werd het getest door het oproepen van alle aangesloten korpsen in de regio Noord-Holland en ‘t Gooi en de AVD meldkamer van de Rijkspolitie Driebergen.

 

Kanaaluitbreiding

In 1993 zijn Rijks- en Gemeentepolitie omgevormd tot 25 regionale korpsen en het KLPD (Korps Landelijke Politiediensten). De gemeentepolitie Amsterdam werd samengevoegd met de gemeentepolitie Amstelveen en Rijkspolitie Diemen, Ouder-Amstel, Aalsmeer en Uithoorn tot Regiopolitie Amsterdam-Amstelland.

De vrijgekomen mobilofoon- en portofoonkanalen van deze plaatsen werden toegevoegd aan de bestaande en gebruikt als reserve- en aktiekanaal.

Samen met die van het inmiddels opgeheven INRAP-net waren nu 9 nieuwe portofoonkanalen beschikbaar voor akties en risico-voetbalwedstrijden. Elk van deze “AKT-kanalen” kon gekoppeld worden aan een 86 Mhz kanaal zodat men nu zowel via de porto- als mobilofoon kon werken.
Er werden nieuwe portofoons in gebruik genomen, welke voor de gehele regio gelijk geprogrammeerd waren. Naast de “algemene” en het districtskanaal kon men nu ook op alle andere districtskanalen en de nieuwe aktiekanalen uitkomen.

 

Encryptie

Al vrij snel na de invoering van de mobilofoon werd duidelijk dat anderen eenvoudig konden meeluisteren. Met name de recherche had hier last van, vanwege de vaak gevoelige zaken die door de ether gingen. Vanaf de jaren 60 is de Amsterdamse politie daarom het ‘scramble’ gaan systeem gebruiken. Dit systeem maakt van hoge frequenties lage en vice versa en maakt zo het meeluisteren moeilijk. Even over op “Chinees” was een veel gehoorde term. Alle Amsterdamse mobilofoons werden voorzien van dit systeem en de 2e frequentie werd het standaard scramble-kanaal.

 

Maar al snel bleek dat scramble eenvoudig te kraken was. Voor zo’n 30 gulden waren de-scramble inbouwprintjes voor de scanner te koop. Toch heeft het Amsterdamse korps nog tot 1990 scramble gebruikt. Na een aantal incidenten met vuurwapengevaarlijke criminelen en arrestatieteams van de Rijkspolitie die geen scramble hadden, werd door Etherbeheer geadviseerd het systeem af te schaffen. Spoedmeldingen op kanaal 2 mét scramble konden niet meegeluisterd worden door politiemensen buiten de auto omdat scramble niet op de portofoons aanwezig was. Verder waren eenheden van andere korpsen vaak niet voorzien van scrambleapparatuur.

 

In de jaren 70 is men naast scramble ook Crypto gaan gebruiken op de mobilofoon. Dit was een hoogwaardiger encryptie ­systeem. Een gesprek werd in blokjes van enkele milliseconden gehakt en in tijdsvolgorde door elkaar gehusseld volgens een bepaalde code. Deze code werd meegezonden middels twee toontjes. Deze waren ook duidelijk hoorbaar in het signaal (‘knikkers’). Om het gesprek weer hoorbaar te maken moest de cryptofoon de audio blokjes weer in de juiste volgorde terugzetten. Deze synchronisatie duurde ongeveer 2 seconden zodat men altijd met een vertraging rekening moest houden. Er waren miljoenen cijfercombinaties mogelijk met crypto. Na ongeveer een kwartaal werd de code gewisseld. Vanwege de hoge kosten werd crypto alleen door de recherche gebruikt. De eerste cryptofoons waren instelbaar met 6 duimwieltjes en moesten uit het zicht ingebouwd worden vanwege diefstal en zichtbaarheid van de gebruikte code.

 

Hoewel het systeem, voor zover bekend, nooit gekraakt is heeft de Amsterdamse recherche het nooit helemaal vertrouwd. Soms waren ook flarden van woorden te herkennen. Iemand die zijn cryptofoon op een verkeerde code had staan werd gewaarschuwd door in de microfoon te fluiten. Een fluittoon gaat recht door een cryptofoon want de gehakte blokjes audio zijn praktisch gelijk. Dit was een teken even de cryptofoon uit te laten schakelen en “op klare taal” te komen.

 

In de jaren 90 ging men over op het digitale RACAL systeem waarbij alleen nog ruis te hoorbaar is tijdens een gesprek. Dit systeem werd nog tot na de komst van C2000 gebruikt. Kort nadat in 1994 het eerste GSM netwerk in Nederland operationeel werd ging de recherche ook gebruik maken van zogenaamde “babbelboxen”. Dit was eigenlijk een groepsgesprek via het GSM netwerk dat open bleef voor de duur van de aktie. Tegenwoordig wordt natuurlijk ook het veilige C2000 gebruikt.

 

Meer informatie over Verycrypt en andere vormen van crypto is te vinden in het Cryptomuseum

 

Etherbeheer

Het bureau verbindingsmiddelen van de Regiopolitie Amsterdam-Amstelland hield zich bezig met inbouw, reparatie, onderhoud en “quick-service” van het zenderpark en de mobilofoons en portofoons.

De afdeling Etherbeheer van dit bureau - opgericht in 1976 - was verantwoordelijk voor toewijzing van kanalen bij grootschalig politie optreden, calamiteiten en recherche-acties. Ook het maken van verbindingsschema’s, het uitluisteren van de gebruikte kanalen, het regelen van en dirigeren naar reservekanalen bij storingen en het oplossen daarvan behoorde tot hun taken. Hiervoor beschikte men over een uitgebreide controlekamer voorzien van eigen zendapparatuur.

 

De Bijlmerramp

Op 4 oktober 1992 stort een Boeing 747 van de Israëlische luchtvaartmaatschappij ELAL neer in de Bijlmer. In alle hectiek wordt door het HB al snel de 2e frequentie in gebruik genomen voor de verbindingen op het rampterrein. Etherbeheer wordt kort daarna aan het werk gezet; het opstellen van vaste straalverbindingen (video) vanaf het rampterrein naar het stadhuis en het HB. Een heli met warmte-camera voorzien van een crypto-koffer en het opzetten van een mobilofoonnetwerk op het 5e kanaal met verbindingen in crypto tussen de Rijkspolitie Dienst Luchtvaart (op Schiphol Oost) en de recherche van district 7. Voor extra portofoons en mobiele relaisposten wordt een beroep gedaan op het depot van de Rijkspolitie in Driebergen. Standaard apparatuur en en programmering kende men in die tijd nog niet, dus moest ook instructie meegeleverd worden bij de uitreiking van de portofoons.

 

Het Huwelijk

De grootste klus van Etherbeheer is het koninklijk huwelijk van Willem Alexander en Maxima geweest. Hierbij waren in totaal zo’n 6000 agenten betrokken waarvan 2000 van buiten Amsterdam. Deze moesten allemaal voorzien worden van communicatie apparatuur op de juiste frequenties.

Dat Amsterdam ondanks alle nieuwe kanalen toch de nodige frequenties tekort kwam op die dag moge duidelijk zijn. Naast de 86 en 450 Mhz band is ook gebruikgemaakt van brandweer frequenties op de rampenkanalen in de 146 MHz. Speciale “spottersteams” van agenten in burger hielden het publiek in de gaten. Voor hen werd een mobiel trunkingsysteem gehuurd. Dit was op het dak van de Bijenkorfgarage geplaatst en maakte gebruik van 5 frequenties in de 420 MHz trunking-band, in het schema aangegeven als LAN kanalen (het systeem was gehuurd van de firma Landis)

 

Freek Dozy in actie...

 

C2000

De regio Amsterdam is vanaf het begin aangewezen als proeftuin voor het nieuwe digitale C2000 systeem. Na diverse testen in Amsterdam Noord eind 2003 blijkt het systeem nog vele mankementen en kinderziektes te vertonen en wordt de proef gestaakt. Nadat de landelijke dekking begin 2006 een feit is wordt vanaf februari in heel Amsterdam proefgedraaid en dekkingsproeven uitgevoerd door complete testgroepen. Met behulp van een op een laptop aangesloten C2000 portofoon kan zowel de signaalsterkte als de spraakkwaliteit bekeken en geregistreerd worden. Met de komst van C2000 is ook de terminologie veranderd; het kanalen schema heet nu “fleetmap” een kanaal “gespreksgroep”. Aan gespreksgroepen is bij C2000 geen gebrek meer, daar zijn er tientallen van beschikbaar voor Amsterdam. De C2000 portofoons zijn ook voorzien van GPS zodat iedere agent altijd traceerbaar is. Iedere agent krijgt na een korte instructie zijn/haar portofoon op de man/vrouw uitgereikt en is dus zelf verantwoordelijk. Uitlenen aan de buurman betekent ontslag...

 

Elke C2000 portofoon zend een uniek id-nummer mee. Mocht een spreeksleutel onverhoopt toch blijft hangen, dan kan men op de Meldkamer direct zien om welk apparaat het gaat en deze zonodig isoleren van het netwerk. Bij diefstal kan het apparaat op afstand uitgeschakeld worden.

Na de invoering van C2000 is een deel van het takenpakket van Etherbeheer door de landelijke C2000 projectgroep (ISC) overgenomen. De naam van de afdeling is veranderd in Lokaal Beheer.

 

Bij de invoering van de Nationale politie op 1 januari 2013 is het regiokorps Amsterdam-Amstelland omgezet in de Regionale Eenheid Amsterdam, een van de tien regionale eenheden.

 

Voor de scannerluisteraars is in 2007 een einde gekomen aan het meeluisteren met de Amsterdamse politie. Op het C2000 netwerk zit een dusdanige complexe encryptie dat het haast onmogelijk is deze te “kraken”. Inmiddels wordt ook al voorzichtig naar een opvolger van C2000 gekeken. Voor de meeluisteraars rest niets anders dan nog een keer de fragmenten te beluisteren uit de goede oude analoge tijd...

Een artikel uit het blad RadioBulletin 1947

Rond 1948, de overdraging van de eerste radio surveillance wagens aan de Amsterdamse politie op de binnenplaats van het hoofdbureau.

Ergens in de Amsterdamse Rivierenbuurt wordt tijdens een sportevenement gebruikgemaakt van leger “walky talkys”.

Politie mobilofoon, gebruikt in  de jaren '70 en '80. Let ook op de scramble en crypto schakelaars.

Plot-tafel bureau Warmoesstraat in de jaren 70

Motorola portofoons
zoals gebruikt bij de
Amsterdamse politie
(v.l.n.r.):

HT220 (jaren 70)

MX 330 (jaren 80)

MTS 2000 (jaren '90)

MX 3000 (tot 2007)

De peilbus van etherbeheer. Met de 4 antennes kon via een kruispeiling de richting van het stoorsignaal bepaald worden. Dit werd  aangegeven door de cirkelvormige leds op het peilapparaat

Een storende draadloze huistelefoon wordt door etherbeheer samen met de RCD opgespoord.

Klik voor het artikel uit Korpsbericht 1984.

Een AEG Telecar 10 mobilofoon uit het instructieboek van etherbeheer (klik voor vergroting)

De antennes voor de 86 Mhz met richteffect op de Bijlmermeer om ook daar maximale dekking te krijgen

1987: Een nieuwe centrale meldkamer voor de Amsterdamse politie.

Foto: www.anp-archief.nl - KOEN SUYK

Klk voor een overzicht van alle kanalen
van Regiopolitie Amsterdam-Amstelland.

Een scrambledecoder voor de scanner.
Luister hieronder naar een opname van een gescrambled gesprek

Boven : BBC Cryptophone 1100 instelbaar met 6 duimwieltjes

 

Onder: BBC Vericrypt cryptophone, programmeerbaar met codegever zodat de code niet meer zichtbaar is. Etherbeheer beschikt nog over cryptoapparatuur tot het eind van de analoge verbindingen in 2006.

 

Op speciaal verzoek wordt het nog even gedemonstreerd....

Freek Dozy op locatie in gebouw "De Eenhoorn" waar ook het
Bureau Verbindingsmiddelen is gehuisvest.

De etherbeheerders: vlnr. Ruud Haverkamp, Henk Hopstaken en Freek Dozy.

De controlepanelen voor de analoge kanalen en koppeling daarvan met C2000 gespreksgroepen. Op de monitor de 80 MHz ontvanger-kasten onder het dak van het HB. Deze ruimte werd ook wel ‘de machinekamer’ genoemd en continu d.m.v. camera’s in gaten gehouden

Verbindingsschema voor "Het Koninklijk Huwelijk" in 2002

De Nokia THR880i. Bovenop de oranje noodknop welke in het begin nogal wat problemen geeft. De portofoon wordt op z’n plaats gehouden in een holster door een bandje wat precies langs die noodknop loopt en zodoende regelmatig voor valse noodoproepen zorgt. Zie fragment:

Op 3 april 2006 wordt C2000 officieel door de meldkamer in gebruik genomen.
Kamer 14 is tegenwoordig het “RIC” oftewel Regionaal Inzet Centrum.

De lokale zender AT5 besteedt een item aan de afsluiting van het analoge tijdperk. Ook voor hun een bron van informatie minder...

Met speciale dank aan
Freek Dozy, inmiddels gepensioneerd etherbeheerder.